Geschiedenis van de wijnbouw in de Nederlanden
Wijnbouw is inmiddels terug in 'de Nederlanden'. Niet alleen enkele inmiddels internationaal erkende wijnbouwers maken er wijn. Er zijn enkele honderden, en er komen er nog steeds bij. Zeker Limburg speelt hierbij een belangrijke rol.
2010 Nederland op verkeerde spoor
De Nederlandse wijnbouw is op het verkeerde spoor met het massal aanplanten van hybriden. Door het aanplanten van hybriden kiest men er voor om een 'landwijn' (BGA) en geen 'kwaliteitswein' (BOB) te maken. Momenteel heeft Nederland nog geen BOB, maar door hybriden te kiezen sluit men het promoveren tot een BOB op voorhand uit.
EU hybridenbeleid 8. SUGGESTIES 8.1. Op grond van bovenstaande analyse stelt de Commissie voorlopig de volgende aanpak voor: _ Het verbod op het gebruik van interspecifieke rassen voor de productie van v.q.p.r.d. voorlopig handhaven. _ Dat zou een stimulans zijn om het onderzoek voort te zetten met het oog op nieuwe, betere interspecifieke rassen die wel geschikt zijn voor de productie van v.q.p.r.d. Omdat er veel mensen vragen hebben hierover heb ik een volledige lezing eraan gewijd. Meer info ........... |
2012 kenniscentrumProberen een 'Kenniscentrum voor wijnbouw' tot stand te brengen.
2011 BeNeVit Symposium
Op 8 & 9 september organiseerde ik het BeNeVit Symposium. Het hoofddoel was om meer algemeen, maar de politiek en beleidsmakers duidelijk te maken dat de wijnbouw een sector is met economisch potentieel. Het verslag van TVL geeft een goed beeld. Na afloop van het symposium begon ik mij in te zetten voor de oprichting van een 'kenniscentrum' voor de wijnbouw.
|
2004 Wijnhuizen samen tegen genetische manipulatie
PARIJS, 10 JULI 2004.
Grote namen in de wijnbouw willen voorkomen dat er in wijngaarden geëxperimenteerd wordt met genetisch gemanipuleerde wijnstokken. Franse en Italiaanse firma's zoals Chateau Latour, Romanée-Conti en Vega Sicilia, hebben na een bijeenkomst in Parijs besloten gezamenlijk op te trekken tegen voorgenomen proeven. Die staan in eerste instantie in de Elzas op het programma van het Nationale Instituut Landbouwonderzoek (INRA).
Grote namen in de wijnbouw willen voorkomen dat er in wijngaarden geëxperimenteerd wordt met genetisch gemanipuleerde wijnstokken. Franse en Italiaanse firma's zoals Chateau Latour, Romanée-Conti en Vega Sicilia, hebben na een bijeenkomst in Parijs besloten gezamenlijk op te trekken tegen voorgenomen proeven. Die staan in eerste instantie in de Elzas op het programma van het Nationale Instituut Landbouwonderzoek (INRA).
Provinciebestuur vindt: "Wijnbouw in Limburg is een folkloristisch gebeuren en dat moet zo blijven..."
Toen in 2004 een verkennend gesprek plaatshad met het kabinet van Marc Vandeput, waarin men polste naar de ondersteuning door het Provinciebestuur van de Projectaanvraag om een wetenschappelijke studie te laten uitvoeren als Europees Project over de slaagkansen van een professionele wijnbouw in de Euregio Maas Rijn. (De wettelijke weg om een projectaanvraag in te dienen verliep via de Provincie die een voorselectie doet van de projecten die bij de Europese Commissie ingediend worden.) Het uitgewerkte project (logical framework dat verplicht is bij Europese projectaanvragen) was gereed. Dat de projectaanvraag niet werd ingediend ligt aan het feit dat de idee zelf door het kabinet van bestendig afgevaardigde Vandeput gewoon weggehoond werd en de aanvraag zeker niet ondersteund zou worden. "Wijnbouw in Limburg is een folkloristisch gebeuren en dat moet zo blijven..." was de motivering die voor die afwijzing gegeven werd!
1990
In 1990 heeft een groep wijnliefhebbers een wijngaard kunnen aanplanten in de Motvallei, ’De Groote Mot‘, deze telt inmiddels een 2000-tal stokken met als voornaamste variëteiten Muller Thurgau, Auxerrois, Pinot Noir, Sieger en Riesling.
1990 Gemiste kans voor BOB (AOC) Nederlands Limburg
Comité de Patronage van het Limburgs Wijnbroederschap
In het voorjaar van 1990 was ik in een werkgroep actief om een stichting in het leven te roepen die de Nederlands Limburgse wijnbouwers zou organiseren. Dit ‘Comité de Patronage van een Limburgs Wijnbroederschap’ zou als belangrijkste doel hebben om te komen tot de instelling van een ‘wettelijke beschermde herkomstbenaming’ voor Limburgse wijn met zodanige wettelijke bepalingen ten opzichte van ‘toegestane druiven en technieken’ dat de ‘goede naam en faam’ van de Limburgse wijn beschermd zou worden. Ook zou een dergelijk wettelijk kader nieuwe wijnbouwers aanzetten tot het maken van kwalitatieve keuzes.
Ik had een inventaris opgemaakt van alle Nederlands Limburgse wijngaarden, waarin, op enkele stokken na, geen hybride te bespeuren viel. De voorwaarde voor een Vitis vinifera als basis voor de wijnbouw was evident. De statuten waren gereed om voor de notaris te passeren toen op de laatste vergadering de grootste, en enige echt commerciële wijnbouwer, Hugo Hulst, zich van het project distantieerde. Gelukkig was alle werk dat ik had verricht niet vergeefs. Het ligt immers aan de basis van het starten van de wijnbouw rond het Wijnkasteel Genoels-Elderen.
Nu, 20 jaar later zijn wijnbouwers in Nederlands Limburg bezig om een BOB (beschermde oorkomst benaming) te verkrijgen. Maar inmiddels zijn er ook veel wijngaarden met hybriden aangeplant. Doordat de EU in het Europese wijnbeleid ook rigoureus voor kwaliteit heeft gekozen, is het niet mogelijk om aan een met hybriden aangeplante wijngaard de BOB-status te verlenen.
Door het ontbreken van enig wettelijk kader hebben een aantal nieuwe wijnbouwers hybriden aangeplant, zonder hierdoor lager ‘geklasseerd’ te worden. Er was immers geen ‘klassering’. Nu verzetten zich deze wijnbouwers die de afgelopen twintig jaar voor gemak kozen, tegen de oprichting van een BOB Limburg. Gelukkig lijkt het er op dat wat mij twintig jaar geleden niet is gelukt, nu wel lukt. De wijnbouwers van goede Limburgse wijn hebben er immers al heel lang recht op.
Februari 2011
In het voorjaar van 1990 was ik in een werkgroep actief om een stichting in het leven te roepen die de Nederlands Limburgse wijnbouwers zou organiseren. Dit ‘Comité de Patronage van een Limburgs Wijnbroederschap’ zou als belangrijkste doel hebben om te komen tot de instelling van een ‘wettelijke beschermde herkomstbenaming’ voor Limburgse wijn met zodanige wettelijke bepalingen ten opzichte van ‘toegestane druiven en technieken’ dat de ‘goede naam en faam’ van de Limburgse wijn beschermd zou worden. Ook zou een dergelijk wettelijk kader nieuwe wijnbouwers aanzetten tot het maken van kwalitatieve keuzes.
Ik had een inventaris opgemaakt van alle Nederlands Limburgse wijngaarden, waarin, op enkele stokken na, geen hybride te bespeuren viel. De voorwaarde voor een Vitis vinifera als basis voor de wijnbouw was evident. De statuten waren gereed om voor de notaris te passeren toen op de laatste vergadering de grootste, en enige echt commerciële wijnbouwer, Hugo Hulst, zich van het project distantieerde. Gelukkig was alle werk dat ik had verricht niet vergeefs. Het ligt immers aan de basis van het starten van de wijnbouw rond het Wijnkasteel Genoels-Elderen.
Nu, 20 jaar later zijn wijnbouwers in Nederlands Limburg bezig om een BOB (beschermde oorkomst benaming) te verkrijgen. Maar inmiddels zijn er ook veel wijngaarden met hybriden aangeplant. Doordat de EU in het Europese wijnbeleid ook rigoureus voor kwaliteit heeft gekozen, is het niet mogelijk om aan een met hybriden aangeplante wijngaard de BOB-status te verlenen.
Door het ontbreken van enig wettelijk kader hebben een aantal nieuwe wijnbouwers hybriden aangeplant, zonder hierdoor lager ‘geklasseerd’ te worden. Er was immers geen ‘klassering’. Nu verzetten zich deze wijnbouwers die de afgelopen twintig jaar voor gemak kozen, tegen de oprichting van een BOB Limburg. Gelukkig lijkt het er op dat wat mij twintig jaar geleden niet is gelukt, nu wel lukt. De wijnbouwers van goede Limburgse wijn hebben er immers al heel lang recht op.
Februari 2011
18e eeuw
Op deze gravure uit 1730 staat de wijnbouw als een van de drie belangrijkste economische factoren in 'het land van Luik' afgebeeld.
Het zijn deze percelen die in de Franse tijd, toen onder meer het kadaster werd ingevoerd, met benamingen als wijngaardveld en dergelijke werden geregistreerd.
Het zijn deze percelen die in de Franse tijd, toen onder meer het kadaster werd ingevoerd, met benamingen als wijngaardveld en dergelijke werden geregistreerd.
Er volgde een opwarming, en bijgevolg gunstige periode voor de wijnbouw in onze regionen.
16e eeuw
In de zestiende eeuw kwam de ommekeer. Het klimaat veranderde relatief snel en eind van die eeuw bevonden de Nederlanden zich in de kleine ijstijd. Iedereen kent de pachtige schilderijen met winterlandschappen.
14e-15e eeuw
In de veertiende en vijftiende eeuw waren het Maas- en Geuldal één groot wijngebied. Het moet een aanblik hebben opgeleverd waarvoor we nu honderden kilometers verder moeten reizen.
968 wijngaarden bij Maastricht beschreven
Maar de eerste officiële vermelding van wijnbouw dateert van 968 toen er in stukken van Gerberga van Saksen wijngaarden bij Maastricht werden beschreven.
282 Romeinse tijd
Waarschijnlijk werd voor het begin van onze jaartelling in onze streken al wijn gemaakt. Met zekerheid mag worden aangenomen dat er in de tijd van de Romeinen druiven werden verbouwd, wijn drinken was toen heel normaal. Wijn vervoeren was toen immers niet evident. Men probeerde het zoveel mogelijk lokaal te produceren. Daardoor warden in het ganse Romeinse gebied wijngaarden aangelegd, tot in zuid Engeland toe.
De ontdekking van een bronzen oscilla (een soort Romeinse amulet die goede wijnoogsten aankondigde) in 1866 bewijst het: het dorp, gelegen waar nu Schaarbeek (Trooststraat) ligt, beschikte over wijndruiven. De basisdrank van de Romeinse soldaat was de "posca", een mengeling van wijn en water met een azijnsmaak. De wijngaard van Schaarbeek is de op dit moment oudste bewezen wijngaard van België: hij zou dateren uit 282.
De ontdekking van een bronzen oscilla (een soort Romeinse amulet die goede wijnoogsten aankondigde) in 1866 bewijst het: het dorp, gelegen waar nu Schaarbeek (Trooststraat) ligt, beschikte over wijndruiven. De basisdrank van de Romeinse soldaat was de "posca", een mengeling van wijn en water met een azijnsmaak. De wijngaard van Schaarbeek is de op dit moment oudste bewezen wijngaard van België: hij zou dateren uit 282.







